De vermogenselektronica voor de motorondersteuningsregeling was bij de eerste modellen (ST1 / V1 / V1.1) in de motor ondergebracht. Vanwege diverse problemen (temperatuur, water, vochtigheid en daarmee corrosie) werd deze eerst ingegoten en uiteindelijk in een aparte module, de controller of MCU (Motor Control Unit), onder de onderbuis of in het batterijcompartiment (bijv. ST2-Belt, ST7) geplaatst.
Defecten komen vaak voor. Omdat de assemblage sinds ongeveer 2018 in epoxyhars is gegoten, is reparatie vrijwel onmogelijk.

Defecten zijn vaak, maar niet altijd, zichtbaar. Als MOSFET's "exploderen", is meten zinloos omdat de schade visueel duidelijk is.

Zelfs een defect in het laadgedeelte vereist geen verder forensisch onderzoek.

Fout E 210012 & E 210109
Geeft de Omni een foutmelding E 210012 & 210109, dan is er van Stromer een instructie voor visuele inspectie voordat een nieuwe accu wordt geplaatst. Dit is echter alleen mogelijk bij controllers met een transparante afsluiting.

Fout E 21000E – tijdens het rijden
Als de fout E 21000E verschijnt, kan dit duiden op een probleem met de CAN-bus. Ga hiervoor naar het servicemenu en controleer of de CAN-bus is vergrendeld. Hoe dit moet, staat beschreven in de paragraaf FOUT- EN WAARSCHUWINGSMELDINGEN. ,E 21000E – tijdens het rijden‘
Geen optische fouten – Mosfets controleren
Als er geen optische problemen zichtbaar zijn, wordt het moeilijk om een diagnose te stellen. Een eenvoudige elektrische controle van de MOSFET's is mogelijk, maar alleen bij controllers die niet zijn ingekapseld. Ik link hier het document Testen op defecte MOSFETs van het bedrijf GRIN Technologies (ebikes.ca), dat de procedure met een multimeter heel eenvoudig illustreert.